Waarom
Het volgende bestaat uit drie delen. Het eerste deel is onvriendelijk, het tweede deel is belangrijk, het derde deel is nostalgisch.
Het eerste, het onvriendelijke deel:
Er is de afgelopen paar jaar door diverse media veel aandacht besteed aan het onderwijs. De kwaliteit van de meeste publicaties is echter abominabel en wordt gekenmerkt door gebrekkige beheersing van het onderwerp. Veel artikelen zijn flinter-, flinterdun. Er is heel veel onzin geschreven. Samen met de vreselijke organisatie Beter Onderwijs Nederland heeft de pers het Nederlandse onderwijs aanzienlijke schade toegebracht. Er heerst nu een beeld over het onderwijs dat weinig te maken heeft met de werkelijkheid. "Aha", zult u zeggen, "dit is weer zo iemand die alleen maar positief nieuws wil." Nee hoor, veel onderwijs verdient met verve in de grond te worden geboord, maar dan wel met kennis van zaken.
Naar verhouding is ongelofelijk veel ge-opiniëerd, 'ik vind'-columns van mensen die niets van belang vinden, die nooit in een school komen. Eigenlijk best verstandige opinieleiders zoals Chavannes, Zwagerman en Blokker verkopen kletskoek.
Het resultaat: de bovenlaag in het onderwijsveld grijpt in een spastische kramp terug op het verleden en durft niet aan de werkelijke problemen aan te pakken. Nee, er is niet teveel in het onderwijs veranderd, er is veel en veel te weinig veranderd. Het onderwijs ligt mijlen achter op de ontwikkelingen in de rest van de maatschappij.
Het tweede, het belangrijke deel.
De Nederlander brengt gemiddeld éénvijfde van zijn levensjaren overdag op school door. Circa 3,5 miljoen kinderen en jongeren zitten op school waar zij les krijgen van circa 330 000 volwassenen. Het onderwijs omvat een enorme sector van de maatschappij. Het onderwijs verdient daarom diepgravende en kritische aandacht. Waarschijnlijk heeft voor de journalist 'buitenland' meer glamour, is 'economie' sexier, 'sport' lucratiever en zijn 'kunst' en 'boeken' intellectueler. 'Onderwijs', dat zijn de saaie uren van de jeugd, denkt de journalist. Onderwijs is echter ongelofelijk spannend als je voldoende diep graaft, als je ziet dat het over het spannendste deel van het leven gaat: de jeugd. Onderwijs is zinvol, als het goed onderwijs is, en onzinnige tijdverspilling, als het slecht is - dat laatste is vaak het geval.
De zin? Waarom sturen we kinderen naar school? Ik denk dat we kinderen naar school sturen om ze voor te bereiden op volwassenheid ten behoeve van henzelf en ten behoeve van de samenleving. Iemand voorbereiden op volwassenheid gaat verder, veel verder dan hem vaardigheden en competenties aanleren, is heel veel meer dan goed reken- en taalonderwijs. En is veel moeilijker.
Het derde, het nostalgische deel.
Ruim een week geleden bezocht ik de eerste school, waar ik heb les gegeven. Ik praatte in de directiekamer met de opvolger van Johnny Jones, de directeur waar ik ruzie mee had. Ik zat in de verlopen docentenkamer waar toen, meer dan 40 jaar geleden, de stencilmachine stond. En ik bezocht een aantal klassen met soms meer dan 100 jongens, diep-zwarte, aardige jongens in smetteloos witte overhemden met das. De school, het plaatselijk beroemde Teso College Aloet, staat op het platteland van Uganda. Dat land ging in de laatste veertig jaar door een diep dal en krabbelt nu overeind. Wat heeft Uganda nodig? Jonge mensen die goed kunnen rekenen en foutloos kunnen schrijven? Nee, jonge mensen met verantwoordelijkheidsgevoel, vol zelfvertrouwen over de bijdrage die zij aan hun land gaan leveren, jonge mensen die hebben geleerd dat zij hun buren niet moeten haten, die hebben geleerd welke hun talenten zijn en die die talenten enthousiast en energiek willen inzetten voor eigen en andermans welzijn, jonge mensen die snappen wat demorcratie is.
Tja, dat soort jonge mensen kunnen we hier ook gebruiken.
Rob Knoppert
